Hier vind je een groot assortiment aan voorbeeldzinnen voor het woord koudbloedig, oftewel zinnen die je kunnen helpen om koudbloedig in een zin te gebruiken. Leren hoe je een woord in een zin moet gebruiken, kan erg nuttig zijn, bijvoorbeeld als het gaat om het leren gebruiken van het woord in een zin, in welke context het woord kan worden gebruikt en om de ware betekenis van het woord te leren "koudbloedig". Daarnaast laten we ook zien hoe verschillende verbuigingen van koudbloedig kunnen worden gebruikt, de verbuigingen waar we ook voorbeeldzinnen voor hebben zijn: koudbloedige, koudbloedigen en koudbloedigheid. Als u op de verbuiging van koudbloedig klikt waarin u geïnteresseerd bent, komt u bij de lijst met voorbeeldzinnen voor die specifieke vorm.
Koudbloedig in een zin
Hieronder vind je verschillende zinnen die illustreren hoe je het woord koudbloedig in een zin gebruikt.
Bijen zijn insecten en dus koudbloedig.
Als reptiel waren ze immers koudbloedig en geschubd.
Net als alle reptielen zijn schildpadden koudbloedig.
Vrijwel alle reptielen zijn koudbloedig of meer specifiek ectotherm.
Omdat ze koudbloedig zijn, leven de meeste soorten in warmere streken.
Alle andere schildpadden zijn uitgesproken poikilotherm of koudbloedig.
Insecten zijn koudbloedig en zijn zeer efficiënt in het omzetten van voedsel.
De adder is koudbloedig en kan zijn lichaamstemperatuur niet inwendig regelen.
Dit zou de eerste keer zijn dat werktuiggebruik bij een koudbloedig reptiel werd vastgesteld.
Salamanders zijn net als alle amfibieën koudbloedig en hebben relatief weinig zuurstof nodig.
De meeste vissen zijn koudbloedig, maar sommige grotere soorten vertonen warmbloedige trekjes.
Sommige reptielen kunnen wel een half jaar zonder eten, maar zij zijn dan ook allen koudbloedig.
Schildpadden zijn zoals alle reptielen koudbloedig, dus afhankelijk van de omgevingstemperatuur.
De hoeveelheid energie hangt af van de stofwisseling, of het dier koudbloedig of warmbloedig was.
De volledig ondergronds levende naakte molrat is een zoogdier, maar wordt beschouwd als koudbloedig.
Een bekende groep dieren waarvan lange tijd aangenomen werd dat ze koudbloedig waren, zijn de dinosauriërs.
Weekdieren zijn koudbloedig; ze produceren zelf geen warmte en hebben dezelfde temperatuur als hun omgeving.
Net als andere leden van de Choristodera was Tchoiria koudbloedig en dus sneller moe dan warmbloedige dieren.
Net als andere amfibieën zijn kikkers koudbloedig, hierop is zowel de bloedsomloop als de ademhaling aangepast.
Omdat ze koudbloedig zijn (meer specifiek ectotherm) kunnen salamanders niet overleven in een te koude omgeving.
Het eerdere beeld van Tyrannosaurus als een langzaam, koudbloedig dier paste slecht bij een levenswijze als roofdier.
Het is niet zo dat de lichaamstemperatuur van een warmbloedig organisme hoger is dan die van een koudbloedig organisme.
Hagedissen zijn koudbloedig of ectotherm wat betekent dat ze de lichaamstemperatuur zelf niet direct kunnen beïnvloeden.
Schildpadden zijn net als alle andere reptielen koudbloedig of meer specifiek ectotherm; ze kunnen zelf geen lichaamswarmte produceren.
Een 'echt' warmbloedig, homoiotherm dier ondervindt zowel voor- als nadelen ten opzichte van een 'echt' koudbloedig, poikilotherm dier.
Een koudbloedig organisme is een dier dat zelf geen eigen lichaamswarmte kan produceren, in tegenstelling tot een warmbloedig organisme.
Schildpadden zijn koudbloedig maar de lederschildpad genereert warmte uit de spierbewegingen van de poten die gemaakt worden door het zwemmen.
Hagedissen zijn koudbloedig en nemen graag een zonnebad om zich op te warmen, zodat ze sneller kunnen bewegen en efficiënter jagen en vluchten.
Omdat er niet constant energie wordt besteed om de lichaamstemperatuur hoog te houden, hoeft een koudbloedig dier minder te eten dan warmbloedige dieren.
De varaan is overdag actief en is net als alle reptielen koudbloedig en warmt zich op in de zon, waardoor de activiteit maar ook de spijsvertering versneld worden.
Slangen zijn net als andere reptielen koudbloedig, meer specifiek ectotherm, dit wil zeggen dat slangen zelf geen warmte kunnen opwekken zoals warmbloedige dieren.
Maar door hun hoge stofwisseling en goede zuurstofvoorziening moet hun hersencapaciteit toch belangrijk beter geweest zijn dan bij enig huidig koudbloedig reptiel.
Grote mesozoïsche theropoden hadden ongeveer anderhalf maal de inhoud die men bij een koudbloedig roofdier, zoals een krokodil, van dezelfde grootte zou verwachten.
Ze kunnen alleen snel groeien als ze heel veel voedsel krijgen — maar dat kan een koudbloedig dier zich niet verschaffen doordat zijn activiteitsniveau te laag ligt.
Krokodilachtigen zijn zoals alle reptielen koudbloedig, meer specifiek poikilotherm, wat wil zeggen dat ze hun eigen lichaamstemperatuur niet inwendig kunnen verhogen.
Reptielen kunnen hier veel beter overleven omdat ze koudbloedig zijn en weinig voedsel nodig hebben in vergelijking met warmbloedige dieren zoals zoogdieren en vogels.
Omdat schildpadden koudbloedig zijn en hun fysiologie en gedrag erop zijn ingesteld om zo min mogelijk te bewegen, kunnen ze overleven in omgevingen met weinig voedsel.
Net als alle amfibieën is de kikker koudbloedig, meer specifiek ectotherm, en zit het grootste deel van de dag doodstil op een tak of blad om zo veel mogelijk energie te sparen.
Doordat de slang koudbloedig is en de receptoren zeer dicht onder de huid zitten is het zintuig gevoelig genoeg om warmbloedige prooien als muizen op enige afstand waar te nemen.
Van veel groepen uitgestorven reptielen die vroeger als vanzelfsprekend als koudbloedig werden gezien, wordt tegenwoordig aangenomen dat ze warmbloedig waren, zoals de dinosauriërs en de pterosauriërs.
Lange tijd werd gedacht dat dieren óf koudbloedig zijn en altijd dezelfde temperatuur als de omgeving hebben, ofwel warmbloedig zijn en een constante lichaamstemperatuur handhaven door energie te verbruiken.
Hoewel ichthyosauriërs met hun dolfijnachtige bouw niet bepaald voldeden aan het stereotype van een sloom, koudbloedig reptiel, is er pas sinds 1990 een discussie ontstaan over de hoogte van hun stofwisseling.
Daarnaast zorgt het oliehoudende weefsel van het schild voor een goede isolatie, waardoor de lederschildpad wordt beschouwd als endotherm, in tegenstelling tot alle andere reptielen die koudbloedig (ectotherm) zijn.
In ieder geval kwamen Plesiosauria ook op hoge breedtegraden voor, terwijl voor de toenmalige groepen mariene krokodillen wordt aangenomen dat ze koudbloedig waren omdat hun leefgebied zich beperkte tot warme wateren.
Koudbloedigen is een verbuigingsvorm van koudbloedig, hieronder vind je voorbeeldzinnen voor koudbloedigen.
Dit zijn allemaal koudbloedigen, er zijn geen zoogdieren of vogels zonder ledematen.
Wel moet opgemerkt worden dat veel koudbloedigen door hun meestal lagere metabolisme juist langer leven.
Zeer grote koudbloedigen, zoals haaien en grote zeeschildpadden hebben in de regel ook een hogere lichaamstemperatuur.
Dit systeem, tachymetabolisme, is erg verkwistend: het energieverbuik ligt voor huidige warmbloedigen zo'n vijf à tienmaal hoger dan bij koudbloedigen.
Ook is de levenscyclus van koudbloedigen over het algemeen veel korter, blijven ze kleiner en hebben minder complexe (energie-verbruikende) aanpassingen zoals hersenen.
Koudbloedigheid is een verbuigingsvorm van koudbloedig, hieronder vind je voorbeeldzinnen voor koudbloedigheid.
De structuur van de botten wijst op koudbloedigheid en een laag metabolisme.
Er zijn drie vormen van koudbloedigheid, die alle een warmbloedige tegenhanger hebben.
Wie uitging van koudbloedigheid bij de meeste deelgroepen van dinosauriërs, had geen reden voor deze een verenkleed te veronderstellen.
Turfanosuchus was waarschijnlijk warmbloedig en hij moest daarom veel eten omdat warmbloedigheid bijna tien keer zoveel energie vereist als koudbloedigheid.
Een nadeel van hun koudbloedigheid is echter dat ze bij lage temperaturen vaak traag zijn en niet in staat zijn snel weg te lopen of snelle prooien te vangen.
Van de jaren zeventig af is bij steeds meer groepen uitgestorven reptielen twijfel gerezen over de vroeger als vanzelfsprekend veronderstelde koudbloedigheid.
Tegenwoordig worden de verschillende soorten van warm- en koudbloedigheid meer als verschillende vormen van thermoregulatie gezien dan als twee verschillende groepen.
Er zijn echter vele uitzonderingen of combinaties, zelfs combinaties tussen de twee uiterste vormen van warm- en koudbloedigheid; respectievelijk homoiotherm en poikilotherm.
Als het dier inderdaad vrij zeldzaam was, zou het in combinatie met koudbloedigheid en dus geringe energiebehoefte maar een beperkt deel van de biomassa van de prooidieren hebben kunnen eten.
Als reptielen zijn opgewarmd door de zon kunnen ze zich vanwege hun koudbloedigheid sneller bewegen, maar bij krokodilachtigen dient het nemen van een zonnebad voornamelijk om de spijsvertering te versnellen.
Algemene informatie over "koudbloedig" voorbeeldzinnen
De voorbeeldzinnen voor het woord koudbloedig die we op deze website presenteren, komen uit verschillende officiële bronnen. Een van onze bronnen zijn bijvoorbeeld artikelen op Wikipedia die zijn geclassificeerd als ten minste goede artikelen. Maar we gebruiken ook nieuwsartikelen, boeken en andere algemene teksten om voorbeeldzinnen te verzamelen over hoe het woord "koudbloedig" in een zin kan worden gebruikt. Rechts van elke zin vindt u een link-uit-pijl die u naar de bron van de zin stuurt, waar u toegang hebt tot de volledige tekst en context voor de gepresenteerde voorbeeldzin. Dit kan handig zijn omdat sommige woorden soms moeilijk te begrijpen zijn met alleen een zin voor de context, terwijl het volledige artikel of de volledige tekst u kan helpen inzicht te krijgen in het gebruik van het woord "koudbloedig".