Voorbeeldzinnen.nu

Voorbeeldzinnen voor zaadknoppen

Hier vind je een groot assortiment aan voorbeeldzinnen voor het woord zaadknoppen, oftewel zinnen die je kunnen helpen om zaadknoppen in een zin te gebruiken. Leren hoe je een woord in een zin moet gebruiken, kan erg nuttig zijn, bijvoorbeeld als het gaat om het leren gebruiken van het woord in een zin, in welke context het woord kan worden gebruikt en om de ware betekenis van het woord te leren "zaadknoppen".

Zaadknoppen in een zin

Hieronder vind je verschillende zinnen die illustreren hoe je het woord zaadknoppen in een zin gebruikt.


  1. De meeldraden hebben rudimentaire zaadknoppen.


  2. Deze zaadknoppen produceren het groeihormoon cytokinine.


  3. Bij de rijping ontwikkelen de zaadknoppen zich tot zaden.


  4. Een of meer zaadknoppen staan op een vruchtblad of -schub.


  5. De zaadknoppen worden gevormd op de bovenzijde van de zaadschubben.


  6. Bij de bedektzadigen liggen de zaadknoppen beschermd in een vruchtbeginsel.


  7. Mexicaanse palmvarenschub met twee vrijliggende zaadknoppen aan vruchtblad.


  8. Bij de naaktzadigen liggen de zaadknoppen vrij op in kegels staande schubben.


  9. Driehokkig vruchtbeginsel van narcis met hoekstandige zaadknoppen (dwarsdoorsnede).


  10. Zaadplanten produceren voor een deel de zaadknoppen en meeldraden in gescheiden organen.


  11. De ontwikkeling van de gametofyten vindt plaats binnen de zaadknoppen en de stuimeelkorrels.


  12. Na de bevruchting groeien de zaadknoppen uit tot zaden, en het vruchtbeginsel tot een vrucht.


  13. De macrosporofyllen dragen twee of meer zaadknoppen met daarin een macrosporangium (nucellus).


  14. Bij de alleen fossiel bekende zaadvarens staan de zaadknoppen op fertiele bladen (macrofyllen).


  15. De placenta bij planten is de zaadlijst of zaaddrager, waarop een of meer zaadknoppen zijn geplaatst.


  16. De geslachtelijke voortplanting van zaadplanten gebeurt via zaden, die ontstaan uit bevruchte zaadknoppen.


  17. In het eerste stadium ontwikkelen na de bevruchting de zaadknoppen en begint de bloembodem uit te groeien.


  18. Het vruchtbeginsel of ovarium is het één of meer zaadknoppen bevattende onderdeel van de stamper van een bloem.


  19. Bij naaktzadigen staan de zaadknoppen vrij, bij bedektzadigen staan één of meer zaadknoppen in het vruchtbeginsel.


  20. Naaktzadigen zijn zaadplanten met onbedekte zaadknoppen, zodat de pollenkorrels bij de micropyle naar binnen kunnen.


  21. Cytokininen zorgen bij het rijpen van de vrucht ervoor, dat voedingsstoffen naar de zaadknoppen worden getransporteerd.


  22. De vrouwelijke kegels van Gnetum en Ephedra zijn sterk gereduceerd, met respectievelijke één en twee zaadknoppen per kegel.


  23. In het vruchtbeginsel van een bedektzadige plant kunnen één of meerdere zaadknoppen met elk een eicel (embryozak) voorkomen.


  24. Binnen het vruchtbeginsel van de stamper staan een of meer zaadknoppen, met elk een eicel (de vrouwelijke voortplantingscel).


  25. Dit is in het vruchtbeginsel van zaadplanten de oppervlakte van een vruchtblad (carpel), waarop de zaadknoppen staan ingeplant.


  26. De vrouwelijke voortplantingsorganen zijn de in een gesloten vruchtbeginsel gegroepeerde zaadknoppen of zaadbeginsels of ovula).


  27. De zaadknoppen zijn met een zaadstreng (funiculus of navelstreng) bevestigd aan de zaadlijsten (placentae) van het vruchtbeginsel.


  28. De zaadknoppen staan gewoonlijk in paren op een zaadschub, die weer in de oksel staat van een dekschub (ook wel "bractee" genoemd).


  29. De stempel en stijl zit boven op het vruchtbeginsel dat één of meer zaadknoppen met één of meer eicellen (vrouwelijke geslachtscel) bevat.


  30. Bij de naaktzadigen (gymnospermen) staan de zaadknoppen vrij aan het einde van een asje, aan de rand van een macrosporofyl of op een schub.


  31. Verschillende typen vruchtbeginsel met placenta's waarop de zaadknoppen staan: a dwarse doorsnede: driebladig, eenhokkig, wandstandig; b dw.


  32. In het vruchtbeginsel, bestaande uit meerdere vruchtbladen, ontwikkelen zich de zaadknoppen als megasporangia, met daarin de megasporen of zaden.


  33. Zaadplanten of Spermatofyta (ook wel fanerogamen of Phanerogamae) zijn heterospore vaatplanten die gekenmerkt worden door het bezit van zaadknoppen.


  34. In het vruchtbeginsel zitten één of meer zaadknoppen, die met de zaadstreng (funiculus, navelstreng) vastzitten aan één of meer zaadlijsten (placenta) genoemd.


  35. De 'zijtakken' van de vrouwelijke kegels zijn macrosporofyllen, gereduceerde bladeren die twee tot verscheidene macrosporangia met daarin de zaadknoppen dragen.


  36. In het vruchtbeginsel zitten één of meer zaadknoppen, die met de zaadstreng, ook wel navelstreng genoemd, vastzitten aan één of meer zaadlijsten van de vruchtbladen.


  37. In de strengste betekenis is de vrucht het rijp geworden vruchtbeginsel van een bloem en bevat in het algemeen de na bevruchting uit de zaadknoppen ontwikkelde zaden.


  38. De zaadknoppen bevatten een nucellus (megasporangium of zaadknopkern), die door één of twee integumenten (zaadvliezen) wordt omgeven en slechts één functionele macrospore (megaspore) bevat.


  39. De zaadknoppen van bedektzadigen hebben om de nucellus twee integumenten (zaadvliezen), het binnenste en het buitenste integument en bij de naaktzadigen (gymnospermen) is er één integument.


  40. Na bestuiving moeten de mannelijke celkernen van de stuifmeelkorrel via de pollenbuis naar de eicel in een van de zaadknoppen van het vruchtbeginsel gebracht worden en moeten ze met elkaar versmelten.


  41. Het vruchtbeginsel (= ovarium) bestaat bij de bedektzadigen (Angiospermae) uit een of meer vruchtbladen (= carpellen), die gezamenlijk een of meer hokken vormen, waarbinnen zich de zaadknoppen bevinden.


  42. De zaadknoppen in het vruchtbeginsel kunnen wandstandig, randstandig, hoekstandig (bijvoorbeeld bij de narcis), vrij in het midden, vrij op de bodem (basaal), rechtopstaand of hangend aan de top geplaatst zijn.


  43. Bij naaktzadigen ligt de zaadknop vrij op een asje (steeltje) of op een schub, maar bij bedektzadige worden de zaadknoppen nog eens omgeven door een of meer vruchtbladden (carpellen), die voor extra bescherming zorgen.


Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Krappa, https://nl.wikipedia.org/wiki/Vrucht_(plant), https://nl.wikipedia.org/wiki/Zaadknop, https://nl.wikipedia.org/wiki/Gametofyt, https://nl.wikipedia.org/wiki/Strobilus, https://nl.wikipedia.org/wiki/Vruchtbeginsel, https://nl.wikipedia.org/wiki/Bevruchting, https://nl.wikipedia.org/wiki/Bloem_(plant), https://nl.wikipedia.org/wiki/Placenta, https://nl.wikipedia.org/wiki/Zaadplanten, https://nl.wikipedia.org/wiki/Zaad_(plant), https://nl.wikipedia.org/wiki/Gymnospermae, https://nl.wikipedia.org/wiki/Eicel, https://nl.wikipedia.org/wiki/Stamper_(biologie), https://nl.wikipedia.org/wiki/Bestuiving, https://nl.wikipedia.org/wiki/Kruisbestuiving, https://nl.wikipedia.org/wiki/Integument_(planten)

Vorige en volgende woord in de database

‹‹ zaadknop zaadleider ››

Algemene informatie over "zaadknoppen" voorbeeldzinnen

De voorbeeldzinnen voor het woord zaadknoppen die we op deze website presenteren, komen uit verschillende officiële bronnen. Een van onze bronnen zijn bijvoorbeeld artikelen op Wikipedia die zijn geclassificeerd als ten minste goede artikelen. Maar we gebruiken ook nieuwsartikelen, boeken en andere algemene teksten om voorbeeldzinnen te verzamelen over hoe het woord "zaadknoppen" in een zin kan worden gebruikt. Rechts van elke zin vindt u een link-uit-pijl die u naar de bron van de zin stuurt, waar u toegang hebt tot de volledige tekst en context voor de gepresenteerde voorbeeldzin. Dit kan handig zijn omdat sommige woorden soms moeilijk te begrijpen zijn met alleen een zin voor de context, terwijl het volledige artikel of de volledige tekst u kan helpen inzicht te krijgen in het gebruik van het woord "zaadknoppen".